Het Huis

Het Huis; een halfopen paviljoen voor de tijdelijke tentoonstellingen op de Hortiflora werd ontworpen door het architectenteam van Robbrecht en Daem en gerealiseerd in in 2012. De natuur, in de vorm van zonlicht, wind, insecten of vallende bladeren, blijft sterk aanwezig in het gebouw.

Die openheid maakt volgens Paul Robbrecht het verschil tussen architectuur en sculptuur. Het Huis, een vlechtwerk van gebogen staalplaten in een grijsgroene kleur, is naadloos ingeplant in de groene omgeving van het park. Het paviljoen staat haaks op de lengte- as van de tuin. De paden naar en door Het Huis lopen diagonaal over de oorspronkelijk rechte paden van de formele tuin. Daardoor wordt de constructie ‘ingeweven’ in het omliggende landschap. Het ontwerp echoot bovendien de sfeer van de ‘hagenkamers’, open ruimtes in de   formele tuin met een natuurlijke muur van hagen.

Het Huis is opgebouwd uit geplooide en  gebogen staalplaten in een grijsgroene kleur. Het lijkt te zweven, omdat de constructie op een betonnen plaat rust. Het vloerplan vertrekt van een eenvoudige rechthoek, zo’n twintig meter lang bij twaalf meter breed. In de rechthoek zijn vier inkepingen gemaakt. Dit zijn niet enkel de ingangen van Het Huis (die kunnen worden afgesloten met stalen rasterdeuren), zij laten ook verschillende ruimtes binnen het grondvlak ontstaan, elk met een eigen combinatie van  gesloten en opengewerkte wanden. Door het ingenieuze spel van vlakken en openingen biedt het paviljoen – volgens Paul Robbrecht is bescherming dé essentie van architectuur – onderdak aan fragiel werk uit tijdelijke presentaties zonder het van de omgeving te isoleren.

Het paviljoen zit mee in de stevige traditie – een samengaan van kunst en architectuur – die het Middelheimmuseum ondertussen heeft opgebouwd. Het Braempaviljoen, het paviljoen van John Körmeling,  ‘Franchise Unit’ van Atelier van Lieshout, ‘Orbino’ van Luc Deleu en zelfs ‘Passage of the Hours’ van Pedro Cabrita Reis en het titelloze werk van Per  Kirkeby spelen allen met de tegenstelling open- en beslotenheid, met functionaliteit en plasticiteit. Ze combineren stuk voor stuk interactie met en dienstbaarheid ten opzichte van het publiek met een unieke, eigen vorm. Het Middelheimmuseum kan zich inmiddels beroemen op een doorgedreven onderzoek naar de kenmerken van het paviljoen als vorm op zich. 

Meld je aan voor onze nieuwsbrief